Melati van Java (1853-1927): de eerste grote Indische romancière


Naar huis!

Naar huis!

'Naar huis!' In: Nederland (1923)
Ada Rintzen, een jong Indisch meisje, mag eindelijk naar huis. Haar opvoeding in Nederland is voltooid en geslaagd. "Het donkere meisje had succes. Zij was levendig, vroolijk, geestig, zooals men het maar zelden van Indische kinderen gewoon is — want zij was geheel Europeesch opgevoed, echt Hollandsch in denken en doen." In haar afwezigheid is haar Hollandse vader met haar Javaanse moeder getrouwd. Al dat verlangen naar huis, aan boord een succes, waarom wil Ada aan het einde van dit verhaal dan toch opeens liever vandaag dan morgen trouwen? Typerend Melati-element: Ada is trots op haar afkomst. "Dat zij een Javaansche vrouw was, dat wist zij en zij was er blij om, trotsch op."